Van Krabi naar Koh Samui
De korte oversteek van Langkawi naar de Thaise kust zou de meest heftige van alle ferry ritjes tot nu toe worden. Het oudere Nederlandse koppel zat waarschijnlijk al tijden op pole position bij de deur toen we net op tijd het trappetje naar binnen afdaalden. Er was geen millimeter ruimte meer voor onze tassen en buggy, dus maar boven op de toch al aanzienlijke berg rugzakkken en ander draagmateriaal. Dit tot afgrijzen van Nederlandse Dick (althans dat is de naam die wij hem gaven), die zijn mooie Samsonite koffertjes nauwelijks meer kon zien. Daar ging zijn plan om als eerste weer naar buiten te kunnen schieten. Hij zou tot het laatst op de kade moeten blijven wachten op zijn bagage. De blik van zijn vrouw richting hem was goud waard en het was duidelijk hoe de sfeer bij het avondeten zou zijn. Het was sowieso een redelijk Nederlands getinte bootje want de rij achter ons bleef in plat Brabants hun bewondering voor de naderende kustlijn herhalen, “hedde da gezien, da skon woater”. Brigitte voelde zich met haar Helmondse roots weer even helemaal thuis. Kreunend en steunend bereikte het bootje uiteindelijk het havenplaatsje Satun.
De douane formaliteiten waren snel geregeld en met een afgetrapte jeep die bij ons de APK-keuring nooit zou halen richting busstation voor de express bus naar Krabi. Tot Krabi samen gereisd met Angelique en Ronald uit Almere die ook hun baan hadden opgezegd en na vele maanden van noord naar zuid door Azië te hebben rondgetrokken bijna aan het eind van hun reis waren. Hun droom was om een eigen zaak in terracotta materiaal voor binnen- en buitenshuis te beginnen en met name China had hun veel inspiratie en contacten opgeleverd. Hopelijk wordt hun droom werkelijkheid. In Krabi weer de gebruikelijke taxi maffia die absurd hoge prijzen vroegen voor een ritje naar het centrum. Gelijk een passerende songhteaw taxi aangehouden en voor een fractie van de taxi prijs bij het guesthouse afgezet. Komende uit Maleisië waren we niet bekend met het fenomeen songthaew maar we leerden snel. Dit zijn pick-up trucks waarvan de laadbak is omgebouwd tot zitruimte met aan weerszijden een zitbank met ruimte voor 8-10 personen. De beste en goedkoopste manier om korte ritjes in Thailand mee af te leggen. Aangezien Thailand niet tot onze oorspronkelijke route behoorde hadden we nog een Rough Guide in Langkawi op de kop kunnen tikken maar die was van november 2004, dus pre-tsunami. Veel van de accommodaties aan de westkust zouden waarschijnlijk niet meer bestaan en tevens werd beschreven dat deze tijd van het jaar de Andaman zee vrij wild is met bovendien veel regen. We hadden geen trek meer in het Langkawi weer dat we net achter ons hadden gelaten en hadden op de gok besloten om vanuit Krabi naar Koh Samui te vliegen, aan de oostkust gelegen in de Golf van Thailand. Dit betekende wel een nachtje doorbrengen in Krabi van waaruit de vlucht zou vertrekken. Onze intrek genomen in het Chan Cha Lay guesthouse waar er alleen nog kamers met gedeelde faciliteiten waren. Het was echter erg schoon en leuk gedecoreerd en voor 200 Baht (€ 4!) erg ok. Onder het genot van het eerste koude Singha biertje kennisgemaakt met de erg sympathieke Engelse vrouwen Vanessa en Sarah, waarvan laatstgenoemde al 2 jaar onderweg was en eigenlijk niet wist waar ze op weg naartoe was. Haar motto “It’s not about the destination but all about the journey” was hier echt op zijn plaats. Net zoals hierboven met Angelique en Ronald, blijft het een apart maar wel erg leuk aspect van reizen. Als honden in een park snuffel je even aan elkaar en vertelt elkanders verhalen, sommigen zelfs erg openhartig, waarna je weer hartelijk afscheid neemt wetende dat je elkaar waarschijnlijk nooit meer ontmoet. Na de lange busreis vroeg naar bed maar niet voordat we ‘s avonds eerst heerlijk Thai hadden gegeten op de nachtmarkt waar we met zijn drieën voor omgerekend € 6 de tafel vol hadden staan. Thailand was nog goedkoper dan Maleisië.
De vlucht naar Koh Samui was met Bangkok Airways in een 70-zitter propeller vliegtuigje. De voor ons onbekende maatschappij bleek al meer dan 40 jaar te bestaan en alles was uitermate comfortabel. Ze kregen het zelfs voor elkaar om tijdens de 50 minuten durende vlucht de halfvolle cabine een lunch te serveren die Sara in no time naar binnen hakte. Het vliegveld van Koh Samui deed erg tropisch aan. Klein en geheel met riet en palmbladeren bedekt, een groot zee aquarium in de toiletten en plantjes in het midden van de bagageband. Sara veroorzaakte meteen een opstopping onder het grondpersoneel en liet zich dit keer gelaten aanraken. We hadden niets vantevoren geboekt en gingen uiteindelijk met een minibus naar Lamai, volgens de Thailand gangers die we onderweg hadden gesproken mooie stranden en nog vrij rustig vergeleken met het noordelijker gelegen Chaweng. Het Starbay Resort klonk bekend van uit de recentere Lonely Planet van Vanessa die we in Krabi snel hadden ingekeken en op goed geluk naar binnen. Starbay Resort is een mooie tuin met een aantal Thaise bungalows die allen privé bezit zijn en voor bepaalde periodes verhuurd worden aan toeristen. Het geheel ter plekke wordt gerund door Peter, een ietwat verbitterde Oostenrijker op leeftijd die zijn land was ontvlucht na een schandalige overheidsbehandeling van zijn ziekte. Peter had voor diezelfde overheid gewerkt en het was grappig om te zien dat hij in dit land van handjeklap toch zijn vertrouwde werkomgeving had gecreëerd. Toen ik wilde betalen en met geld in de hand op hem afliep werd ik dringend verzocht de hoek om te lopen naar zijn loket. “Ohne Schalter ging nichts in seinem Leben”, bedacht ik als aftiteling van zijn leven en mijn lichte antipathie negerend telde hij tot drie keer toe het wisselgeld na. Er waren gelukkig ook enkele vaste bewoners aanwezig die wel aardig waren waaronder Henk uit Den Haag, de general manager van het resort en pendelend tussen zijn huisjes in Monaco en Koh Samui. Verder was er nog Herbert, een dikbuikige duitser die als een menselijke wentelteef van ’s ochtends tot ’s avonds op het bedje bij het zwembad lag (voor de insiders thuis, Brigitte noemde hem de Bullpansee uit het Jaja-park). Hij had slechts 2 maanden per jaar om het thuisfront zijn gebronste torso te kunnen laten zien ten teken dat hij deels in de tropen woonde. Sara’s favorieten waren echter Carole en Philippe, een uiterst sympathiek Zwitsers-Frans echtpaar. Met name Carole was als een magneet voor haar. Zij was kleuterleidster in Genéve en op haar beurt ook helemaal weg van Sara. Haar eerste woordjes Frans waren een feit. Het mooie van Starbay was dat onze studio erg veel weg had van een normaal bewoond huis, even een thuis ver weg van huis. Sara had bij aankomst gelijk de poetsspullen ontdekt en begon iedere ochtend als een soort van ritueel de boel te kuisen. We vragen ons overigens nu nog af van wie ze deze tik heeft, in ieder geval niet van ons tweeën.
Overal op het strand stonden kleine overdekte platformpjes waar je hele lichaam gemasseerd kon worden. Daar waren onze lichamen wel aan toe na bus- en vliegreis en Brigitte en ik werden ieder een uurtje onder handen genomen. Terwijl de heerlijk knedende handen vakkundig hun werk deden dommelde ik langzaam in met het ruisen van de branding op de achtergrond. Sara wilde ook proberen en genoot zichtbaar, de Thaise vrouw moest dan ook heel hard lachen om Sara’s grimassen. Iedere avond op weg naar een van de eettentjes langs het strand passeerden we altijd een schommel die hoog aan een palmboom was vastgemaakt en daardoor vervaarlijk ver de zee in zwiepte. Sara kreeg er maar geen genoeg van en wilde iedere keer harder geduwd worden. Zeker als ’s avonds de vloed kwam hing ze meer boven zee dan strand maar dat kon haar niet deren en iedere zwaai was dolle pret. Toch even een andere schommel dan bij opa Ger thuis.
Het enige nadeel van Starbay Resort was het strand, of beter gezegd het ontbreken ervan. Met eb trok de zee zich kilometers ver terug en bleef een modderige vlakte met stenen over. Niet geschikt voor Sara dus die de meeste tijd in het zwembad doorbracht. De noordelijke kant van Lamai was inderdaad vrij rustig vergeleken met het centrum. We waren de eerste dag op weg naar Lamai al door Chaweng gereden en hadden met afgrijzen de smakeloze en schreeuwerige inrichting bekeken van dit plaatsje bekend om zijn stranden. Lamai centrum zelf bleek niet veel anders. Veel bars en restaurants maar ook veel hoerenclubs en oudere mannen met jonge Thaise meisjes. De overal verkrijgbare “go fuck bucket” symboliseerde eigenlijk alles: een strandemmertje gevuld met whiskey, cola en condooms. Dit gedeelte van Koh Samui viel ons erg tegen en ietwat teleurgesteld besloten we na enkele nachten weer te verkassen.
We boekten nog een aantal nachten Choeng Mon Beach in het uiterste noordoosten van het eiland. Dit keer een klein baaitje met slechts enkele prijzige resorts. Midden ertussen in lag ons betaalbaar hotelletje met mooi zwembad. Voor het hotel lag een ruim strand met een ondiep aflopende zee dus ideaal voor Sara. Ze was weer helemaal in haar hum met de schepjes en niet weg te slaan op het strand. Natuurlijk weer vele vriendjes gemaakt waarbij vooral het onstuimige spel met George opviel. George was het 4 jarige zoontje van George senior, een 73-jarige (!) Schot, getrouwd met een 40 jaar jongere Thaise en woonachtig op Koh Samui. George Sr bleek een fervent munt en bankbiljet verzamelaar en was al menigmaal in Valkenburg aan de Geul op de ‘wereldbekende’ beurs geweest. Schaapachtig moesten Brigitte en ik erkennen dat we hier nog nooit van hadden gehoord. Een joviale vent die zelfs tegen zijn zoontje in iedere tweede zin het F-woord bezigde en graag Sara al wilde vastleggen als bruid voor zijn knappe zoontje. ‘s Avonds werd het strand omgetoverd tot romantisch lounge plekje met banken en kaarsjes en kon je de zon langzaam zien ondergaan. Het eten in de Choeng Mon Beach hotelbar aan het strand was fantastisch. Verse, gegrilde snapper met chili, knoflook en limoen, gegrilde tonijn in rode curry en kokosnoot-limoen soep met kip. Een paradijs voor de smaakpapillen. Zelfs de macaroni van Sara was dit keer met verse tomaten en kruiden bereid, het hele bord werd in een mum van tijd verorberd. Overigens bestaat Sara’s menu hoofdzakelijk uit roulerende gerechten als pasta, pizza en gebakken rijst met kip of vis als diner en tosti en vers fruit als lunch. Op ons verzoek wordt de rijst voor haar wel altijd minder scherp gemaakt. Wat vantevoren een probleem leek te worden gaat in praktijk echter wonderwel. Ze eet en drinkt goed en heeft nog altijd nergens last van.
Ondanks de vrij intieme sfeer op Choeng Mon Beach bekroop ons toch een onbevredigend gevoel wat Thailand betrof. We hadden eigenlijk alleen maar vrij toeristische badplaatsjes gezien op deze Aziatische variant van de Costa del Sol die onzes inziens de oostkust van Koh Samui was. Op de eerste avond raakten we tijdens het avondeten in gesprek met een engels koppel, dat op een nabij gelegen, kleiner eiland verbleef en voor 2 nachten op Koh Samui was beland om daar de sfeer te proeven. Hun verhalen maakten ons enthousiast en de dag erna alles geregeld om nog 2 nachtjes ergens te logeren dat hopelijk wel zou beantwoorden aan ons beeld van paradijselijke eilandjes voor de Thaise kust: Koh Phangan.
Lees meer uit de rubriek Thailand.
Wilt u een kommentaar achterlaten vul dan onderstaand formulier in.

english version
Hey hallo daar!
Net even de laatste 3 stories achter elkaar gelezen! Klinkt fijn hoor, ook goed om te lezen dat Sarah alles goed trekt! En de foto’s……daar hoef ik niks over te zeggen…….jaloezie alom!!
Hier gaat alles lekker, huis schiet op, Lili wordt ronder en ronder, dus ik hoop dat het huis ook daadwerkelijk klaar is voordat de kleine komt! Voor de rest is het hier kutweer en er groeien geen kokosnoten aan de bomen…..
Heel veel plezier en ik blijf lezen!
Kus Laurens, Liliana, Magalí
Hallo,
Wij gaan eiland hoppen en op t einde nog 2 nachten koh samui heeft u voor mij de naam van het hotel in choeng mon beach en weet u nog wat u betaalt heeft?
Alvast bedankt
Groeten Sylvia