Van Christchurch tot Queenstown

05. november 2008 / 13:14 - gepubliceerd door Luc.

Nieuw-Zeeland, het andere einde van de wereld. Na een vlotte vlucht met Air New Zealand stapten we in Christchurch naar buiten in een klimaat dat frequent als ‘nippy’ zou worden betiteld. Nieuw woord voor ons maar als het betekende dat je tepels opstijven in de buitenlucht dan was de omschrijving treffend. Dora, de zus van Brigitte’s overleden opa Toon was naar hier geëmigreerd halverwege de vorige eeuw. Zij woonde hier nog steeds en zo ook haar drie zonen Barry, Chris en John. Met Barry hadden we al email contact gehad vanuit Australië en op het afgesproken tijdstip stond hij klaar op de luchthaven om ons op te halen. Barry woonde in Sumner, een kustplaatsje vlak naast Christchurch en zijn vrouw Eleanor had een lekker diner geprepareerd dat eigenlijk ‘tea’ heette. Als je hier ergens voor ‘tea’ gaat dan ga je voor het avondeten, weer wat geleerd. Chris en zijn vrouw Anna met hun achtjarige zoon Dominic waren er ook en bij hun zouden we de dagen daarop verblijven. Hun huis lag in Huntsbury, een wijk op een heuvel die uitkeek over Christchurch en de achterliggende bergen. Chris en Anna hadden eerder een Bed & Breakfast in Sumner gehad en dat was aan hun gastvrijheid en de ongedwongen sfeer duidelijk te merken. Met bergen speelgoed van Dominic, een trampoline en hond Lucky was er voor Sara genoeg om zich een aantal dagen te vermaken. Dominic vond de aanwezigheid van iemand jonger dan hij blijkbaar ook interessant want Sara kreeg erg veel aandacht van hem. De eerste week draaide om de familie van Uden. Chris nam ons mee op sightseeing in Christchurch en omgeving. Een erg engels aandoende plek met de kathedraal als middelpunt. De claustrofobische tocht via 134 trappen naar boven werd beloond met een mooi uitzicht. Na de afdaling deed onze gedeelde woonplaats met Andre Rieu wederom wonderen tijdens het gesprek met de vriendelijke maar duidelijk mentaal achtergestelde gids. En hoewel vaak verguisd in eigen streek is de langharige stehgeiger net als bij de aussies ook onder kiwi’s mateloos populair. Respect. Barry reed ons naar Akaroa, een mooi kustplaatsje dat dweepte met de enige kolonisatiepoging van de Fransen door middel van Franse straatnamen, restaurantmenu’s, etc. Dit was ook de plek waar je met kleine hector dolfijnen kon zwemmen maar alle trips waren helaas volgeboekt. Brigitte dacht troost te vinden in een winkel met allemaal spullen van merino schapen, dus ook laarzen. Maar ook daar geen geluk, haar geliefde model was in bestelling.

De zonnige maar koude dagen in Christchurch deden ons twijfelen over rondreizen met een grote camper. Wat wel duidelijk werd was dat we meer tijd op het Zuidereiland moesten doorbrengen omdat dit qua natuur meer schoonheid en vooral meer afwisseling bood volgens iedereen die we spraken. Bovendien boden Chris en Anna aan om samen met hun naar het familiehuis aan Lake Tekapo te gaan medio november, iets dat we zeker wilden meemaken. Na een paar internetsessies waren we eruit: met een huurauto vier weken het Zuidereiland verkennen en dan met een goedkope vlucht naar Auckland voor de laatste twee weken Noordereiland voordat we naar Tonga zouden vliegen. De huurauto was met afstand de lelijkste auto die ik ooit had gereden. Een tien jaar oude, poepbruine Nissan Sunny automaat maar wel in de SuperSaloon uitvoering. In elk geval meer blik om ons heen dan een nieuwe, kleine Japanner. De voorlaatste dag bij John, de oudste van de van Uden broers gaan eten. Hij woonde samen met Christine in een oud huis op een heuvel. Ze zaten midden in de verbouwing maar het resultaat mocht er al zijn. Douchen met een wijdse blik naar zee, al bleek na constructie dat automobilisten een gratis inkijk vanaf de weg hadden, schoonheidsfoutje. De laatste dag in Christchurch zijn we met Dominic naar het Antarctic Center geweest. Christchurch is de meest zuidelijk gelegen grote luchthaven en voor een aantal landen de poort naar de zuidpool. Naast de bases van de Amerikanen en Italianen lag een grote hal met daarin een mooi overzicht van poolexpedities van de allereerste (wie was dat ook alweer…juist, Amundsen) tot de hedendaagse permanente kampen. Met Sara de Antarctic Storm ingedoken waar in een afgesloten zaal een ijswind van 40 km/uur doorheen werd geblazen en de gevoelstemperatuur tot -18 daalde. Ze heeft duidelijk een voorkeur voor tropischer temperaturen en wilde snel weer naar buiten. Met Dominic een spectaculair ritje met een Hagglund voertuig gedaan over heuvels en door een diepe plas ijswater. Niet voor mensen met een zwak gestel.

Na een ontspannend weekje bij de van Udens werd het echter tijd om de rest van het Zuidereiland te ontdekken. Onze eerste stop zou Hanmer Springs worden, een soort Thermae 2000 kuuroord in de bergen. De rit ernaar toe was prachtig en iedere bocht nodigde uit tot een fotostop. Onze bolide begon vlak voor Hanmer rare kuren te vertonen en viel telkens uit onder de 1000 toeren. Niet echt handig in een bergrijk gebied met haarspeldbochten. Met kunst en vliegwerk (lees: linkervoet remmen en rechtervoet gassen) toch nog een B&B bereikt, waar we voor een vriendenprijsje een prachtige suite kregen met een drie (!) gangen ontbijt. Buiten het hoogseizoen bleek de prijs overal onderhandelbaar en kwam onze Bali ervaring goed van pas. Meteen de AA gebeld voor een reparatie afspraak voor de auto de ochtend erna. Het telefoongesprek werd een schoolvoorbeeld van hoe het niet moest dus dat voorspelde niet veel goeds. Toen de lokale garage ons uiteindelijk ’s ochtends lokaliseerde bleek type auto, kleur, kenteken en locatie volledig fout te zijn. Diegenen die mij kennen weten dat ik geen prijzen win wat articulatie betreft maar de monteur liet weten dat het niet de eerste keer was met deze volgens hem “Absolute Amateurs”. Gelukkig was de auto snel gerepareerd zodat we op weg konden via een wederom schitterende weg naar Kaikoura aan de oostkust.

Vlakbij een zeehondenkolonie lag een mooie B&B waar we met open armen werden ontvangen. Sara kreeg meteen een poppenwagen die ze vervolgens tot bedtijd niet meer uit het oog zou verliezen. Dus met poppenwagen naar de zeehonden die apathisch van het zonnetje aan het genieten waren. Het kostte moeite om Sara uit de buurt te houden. Ze zagen er lief en knuffelig uit maar het blijven roofdieren met vlijmscherpe tanden. Naast onze B&B stond een eenzaam BBQ kraampje waar Brigitte haar bord liet volscheppen met kreeft, groene mosselen, jakobsschelpen en vis. Goedkoop maar alles kakelvers uit de naastgelegen zee en volgens haar het lekkerste bord zeevoer sinds haar smaakpapillen onderscheid konden maken. Afgaande op onze ervaringen in de eerste weken was culinair gezien Nieuw Zeeland in ieder geval veel lekkerder en beter verzorgd dan Australië dus dat beloofde nog wat voor de rest van de trip. Via zonnig Picton, de schitterende Queen Charlotte Drive en regenachtig Nelson naar Golden Bay gereden. De regen klaterde op de auto en we waren erg blij dat we niet voor een camper hadden gekozen. We kozen voor een prachtige B&B dat gerund werd door een Zwitsers stel met twee kinderen. Echt een plek waar je je meteen thuis voelde. Het was even wennen aan de compost toiletten, een fenomeen dat meerdere huizen en cafés in de regio geïnstalleerd hadden volgens Beat de eigenaar. Klep open, zitten en een paar schepjes zaagsel gooien op wat je achterliet. Het stonk helemaal niet en het enige wat je niet moest doen was naar beneden kijken als je de klep opendeed. Nadat ik de aanwezige bijbel op compostgebied had doorgespit (voor de liefhebbers, hier is de link) was ik overtuigd. Mochten we ooit nog zelf bouwen dan wordt dit ons toilet. Het hele gebied was verder prachtig qua natuur. We maakten onder andere een tocht naar Wharariki Beach, een van de meest gefotografeerde stranden en nagenoeg verlaten. Het is moeilijk om de natuur in Nieuw Zeeland in woord of film te bevatten. Het is groots en vaak adembenemend, iets dat je zelf moet zien om het werkelijk te kunnen bevatten. Sara had geen problemen om voor het eerst in een eigen, groot bed te slapen zonder slaapzak. En terwijl zij vredig lag te dromen van de vele schapen genoten wij ’s avonds bij het open haardvuur van elkaar en de heerlijke Sauvignon Blanc uit de naastgelegen Marlborough streek. Ondanks de regen waren het mooie dagen aan de noordkust.

We hadden een weekend gepland met Barry en Eleanor bij hun huisje aan de westkust en aangezien de regen weer met bakken uit de lucht viel reden we het hele stuk in een keer naar de kust waar we nog een nacht te spenderen hadden voordat we de Van Udens weer zouden ontmoetten. Uiteindelijk belandden we vanwege de intrigerende naam in Cape Foulwind. Onze Sunny had het zwaar in de regen en stevige wind maar bracht ons in een mooie baai waar surfers de woeste golven trotseerden die op de rotsblokken kapot beukten. En alleen in de baai lag een schitterend gelegen restaurant waar het eten weer geweldig lekker was. We keken dan ook niet op toen we achteraf te horen kregen dat dit een veelgeprezen eetgelegenheid in Nieuw Zeeland was.
Het vakantiehuis van Barry en Eleanor lag op een heuvel in een dorp dat nog slechts uit een paar huizen bestond. De westkust stond schijnbaar bekend om de geslotenheid van de mensen en ook in Millerton namen de inwoners graag het eigen heft in handen. Toen bekend werd dat een drugshandelaar interesse had in het huis naast Barry’s werd dit in een mum van tijd vakkundig gesloopt van iedere waarde. De bouwval ligt er nog steeds onverkocht bij. Marihuana wordt overigens veelvuldig geteeld en gebruikt aan de westkust. Hier komt ook de Aotearoa Legalise Cannabis partij vandaan die aan de verkiezingen op 8 november meedoet en het Nederlandse koffieshop model propageert. Een eye-opener voor ons in een land waarvan wij dachten dat naast de All Blacks rugbyers de overgang van de seizoenen de enige opwinding was. In de korte tijdsbestekken dat het droog was kon Barry ons de omgeving laten zien. Kabbelende beekjes en kwetterende vogels in de bomen waren de enige geluiden die de totale stilte doorbraken. Nauwelijks te geloven dat er bovenop de berg nog steeds open mijnbouw was met Japan als belangrijkste afnemer van de steenkool. Qua eten hoefden we alleen maar aan te schuiven want Eleanor had de koelkast goed gevuld.

Na een nachtje bij de Pancake Rocks om de toeristenbussen overdag te mijden wilden we graag beide beroemde gletsjers van dichtbij zien. De kustweg ernaar toe was wederom van grote schoonheid. In de regen bereikten we de Franz Josef Glacier en het gelijknamige dorpje als eerste waar we weer voor een zacht prijsje een mooie kamer in het Rainforest Retreat boekten. Het hele gebied is World Heritage Area en het wordt saai maar ook hier weer ongekend landschappelijk schoon. Bij het ontwaken liet de zon zich voor het eerst in dagen weer zien, met de nodige gevolgen. Bij het naar buiten gaan ontbrak nog net het “Suicide is painless” van MASH. Van alle kanten klonk namelijk het geluid van opstijgende helikopters die voor forse bedragen toeristen over de gletsjers vlogen. De Franz Josef gletsjer was helaas niet van korte afstand te bewonderen doordat de hevige regenval de gletsjerrivier tot een woeste stroom had omgetoverd. Sara vermaakte zich echter opperbest met het stapelen van stenen. Tijdens onze wandelingen hadden we haar inmiddels ingewijd in het fenomeen Sinterklaas en het vooruitzicht van cadeautjes liet haar niet los. Educatief waarschijnlijk volledig fout maar de Goedheiligman wordt nu veelvuldig misbruikt om haar weigermomenten qua melk drinken in ons voordeel te beslissen. Het dorpje Fox Glacier was nog kleiner maar wel sfeervoller. Na het inchecken in het comfortabele motel gingen we op weg naar de hoofdattractie. De wandeling naar de Fox gletsjer eindigde bij een touw met bord dat waarschuwde voor gevaar van mogelijke steenval dat door vrijwel iedereen werd genegeerd. Met Sara in de nek over de keien en beekjes naar de gletsjermond gelopen waar we enkel eerbiedig onze adem konden inhouden bij de aanblik van 13 kilometer lang natuurgeweld.

Na een hele week zonder speeltuin werd het stilaan tijd om Sara weer eens te laten rondrazen en zetten we koers naar Wanaka als laatste stop voor Queenstown. Wanaka ligt aan een prachtig turqoise meer en ademt volgens velen de sfeer van Queenstown twintig jaar geleden uit. Maar dat zijn vooral de inwoners van Wanaka die dit roepen om Queenstown’s vermeende overcommercialisatie te onderstrepen. Zoals in ieder plaatsje in Nieuw Zeeland lag ook hier een mooie, verzorgde speeltuin. Sara was door het dolle heen toen ze eindelijk weer eens kon schommelen en glijden. We vonden de grote dinosaurus zelf ook erg leuk om vanaf te glijden wat enkele meewarige blikken van passanten opleverde. De dag eindigde heerlijk relaxed door samen buiten te weken in de macuzzi oftewel Sara’s benaming voor een bubbelbad van de prachtige lodge. De volgende stop zou Queenstown worden waar we enkele dagen wilden verblijven en ik mijn langgekoesterde wens om te bungy jumpen kon waarmaken.

Lees meer uit de rubriek Nieuw-Zeeland.

Wilt u een kommentaar achterlaten vul dan onderstaand formulier in.

Naam (verplicht veld)

Email (verplicht veld)

Website

Reacties

3 reacties
  1. Luc november 5, 2008 18:54

    Hey, weer een nieuw verhaal met nieuwe foto’s! Wist niet dat je ook oncharmant op de foto kon Brigit… Kan bijna zien wat je de dag ervoor gegeten hebt! Whahahaha, ja ja, andere kant van de wereld, pffff, eind weg hoor. Wat me wel een beetje tegen valt is het weer daar, zo te zien hebben jullie ut nogal kait, brrr….. Hier is het natuurlijk nog veel erger, iedere de week de tuin leegscheppen van de oude bladeren, krijg al bijna reuma als ik naar buiten kijk.
    Heerlijk al die ruimte om jullie heen, jullie zullen nog raar opkijken als je weer ff terug bent, elke vierkante meter is gehumaniseerd zullen we maar zeggen. Voor het sea food moet je ook daaroo zijn zie ik, hmjammie!!!
    Grtz

  2. Luc november 5, 2008 18:59

    By the way, heb je die sprong al gemaakt Luc???? Vet!! Zou het ook wel willen maar vraag me af of ik het zou doen hoor, billen tegen elkaar houden!!!
    Ben vorige week met mn dochter in Luik op de foir in zo’n super-eng-ding geweest, mijn god, ik wilde dat het stopte maar dat ding ging maar door, linksaf, rechtsaf, centrifigeren,slingeren, op zn kop houden, op elke mogelijke manier hebben die akelige kermisklanten geprobeert om mn maaginhoud eruit te krijgen, ik had namelijk net een hot dog op, maar het is ze niet gelukt! Lekker puh! Maar uhh, ik ga dr nooit meer in hoor…

  3. nol reverda november 8, 2008 23:28

    Dag waaghalzen, waarom heet nieuw-zeeland nieuw-zeeland, als het op geen enkele manier gelijkt op de aardappelen en uienvelden van zeeland? Als zeeuwse saaiheid (nu ja, dat leuke geveltje van het stadhuis van middelburg mag er inderdaad wel wezen, maar dan hebben we het ook gehad) door zo’n overweldigende natuur en culinaire overdaad overtroffen wordt? wat een arrogantie van die hollanders om dat NIEUW zeeland te noemen - gelukkig houden ze van een niet-hollander, onze aller andre.
    Vooral de foto bij de gletsjer maakt veel indruk: de zilverkleurige tinten met een stralende luc en sara voorop. Ga lekker zo door en geniet - wij zullen langzaam de kerstboom optuigen, o nee, eerst de schoen nog zetten.
    XXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXNol

© Copyright Globetoddler - Designed by {in}bloom